Het eerste nummer van Historica uit 2018 bevat een mooie mix artikels. Komen aan bod:

  • Het schrijverschap van Cissy Van Marxveldt
  • Visies op de rol van vrouwen in de Italiaanse eenmaking
  • Relaties tussen mannen en vrouwen in monastieke centra in de middeleeuwen
  • Prostitutieklanten als afwezigen in het historisch instituut
  • De collecties van de Stichting Historisch Verpleegkundig Bezit

En natuurlijk ook een genderview, met Maria Grever.


In dit nummer


/ Biografie /

Het bedenken van zottigheden. Schrijven over leven en werk van Cissy van Marxveldt

Cissy van Marxveldt, pseudoniem van Setske de Haan (1889-1948), publiceerde tussen 1917 en 1948 in totaal 26 romans en verhalenbundels, waarvan een groot deel voor meisjes en jonge vrouwen. Haar bekendste boeken zijn de Joop ter Heul-serie, Een zomerzotheid en de Marijke-serie. Deze romans, en de schrijfster zelf, worden veelal als on-emancipatoir beschouwd. Hoewel Van Marxveldt daartoe ook zelf aanleiding gaf, is de werkelijkheid, zoals altijd, gecompliceerder dan dat.
Monica Soeting


/ Negentiende eeuw /

De Italiaanse eenwording al femminile. De maatschappelijke rol van de vrouw in Mazzini’s Doveri dell’uomo en de educatie van de taal

De Italiaanse eenwording in 1861 bracht een nieuwe maatschappelijke rol voor de vrouw. De republikeinse filosoof Giuseppe Mazzini, vaak gezien als de belangrijkste intellectueel van het Risorgimento, pleitte voor gelijke rechten van vrouwen en mannen. In zijn Doveri dell’uomo (1860) spoort hij mannen aan hun vrouwen te respecteren, ook op intellectueel gebied. Inderdaad kreeg de vrouw de rol van madre educatrice toebedeeld, met de publieke taak om de eerste generatie Italianen op te leiden via morele opvoeding en scholing van het Italiaans – de officiële taal die nog nauwelijks thuis werd gesproken. De vrouw trad daarmee deels uit de privésfeer en kreeg een politieke en intellectuele functie: het vormen van de eerste generatie Italianen.
Saskia Kroonenberg


/ Genderview /

Maria Grever: #MeToo-beweging: een historisch keerpunt

Maria Grever is hoogleraar theorie en methoden van de geschiedenis, hoofd van de afdeling geschiedenis en directeur van het Centrum voor Historische Cultuur aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij promoveerde in 1994 cum laude op een intellectuele biografie over de historica Johanna Naber. Van 1996 tot 2001 was zij voorzitter van de Vereniging voor Vrouwengeschiedenis (VVG). Sinds 2010 is zij lid van de KNAW, de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen. Ze ontving enkele prijzen voor haar werk, waaronder in 2015 de Athenaprijs van de Erasmus Universiteit. Grever publiceerde zestien boeken en tal van artikelen in (inter)nationale tijdschriften. Lees hier haar genderview met Greetje Bijl.


/ Middeleeuwen /

“Hoe groot was haar verlangen om mij te zien”. Relaties tussen mannen en vrouwen in monastieke milieus van de negende tot de elfde eeuw

Rond 875 schreef Agius, een Benedictijn uit het Saksische mannenklooster Corvey, een heiligenleven neer over de pas overleden Hathumoda, abdis van het nabijgelegen vrouwenklooster Gandersheim. In deze vita gaat hij uitvoerig in op de nauwe band die hij met haar had: hij verhaalt hoe hij op haar sterfbed amper van haar zijde week en dat haar verlangen om hem te zien “groot was”. Hoewel dergelijke nauwe relaties tussen religieuze mannen en vrouwen op het eerste zicht vreemd lijken, blijkt de kloostercontext in deze periode juist het toneel te zijn van dynamische contacten tussen beide seksen.
Jirki Thibaut


/ Historiografie /

De grote afwezige? De klant in het historisch onderzoek over prostitutie

In haar geschiedenis van de Amsterdamse prostitutie tijdens de zeventiende en achttiende eeuw wijdt historica Lotte van de Pol een volledig hoofdstuk aan prostitutieklanten. In dat hoofdstuk gaat ze verder dan het beschrijven van algemeenheden: ze heeft het over verschillende types klanten en analyseert hun achtergronden. Hoewel deze studie uit 1996 geldt als pionierswerk kreeg haar analytische kijk op de vraagzijde van prostitutie weinig navolging. Klanten spelen tot op heden meestal een bescheiden rol in dergelijke geschiedenissen. De onevenwichtige genderfocus in historische bronnen over prostitutie – waarin vaak de prostituee wordt verbonden aan kwalijke randfenomenen zoals seksueel overdraagbare aandoeningen – wordt met andere woorden gereproduceerd in de historiografie. Voor veel historici lijkt de klant nog steeds een onbekende te zijn.
Pieter Vanhees

 
/ Recensie /

Dupont, Hofman & Roelens, Verzwegen verlangen. Een geschiedenis van homoseksualiteit in België
Judith Schuyf


/ Onder de loep /

Tastbaar verpleegkundig erfgoed in ‘open depot’

De Stichting Historisch Verpleegkundig Bezit (SHVB) bestond medio 2016 dertig jaar. In juni 2017 opende de stichting aan het Foksdiep 2 op Urk een nieuw, fraai ingericht ‘open depot’. Veel uniformen, objecten en instrumenten waarmee Nederlandse verpleegkundigen gewerkt hebben, liggen hier opgeslagen. Van vrijwel alle categorieën objecten zijn diverse exemplaren door de tijd heen beschikbaar om onderzocht en beschreven te worden door historici die in de ontwikkeling van het verpleegkundige beroep geïnteresseerd zijn. Ook alle voor geschiedschrijving benodigde verpleegkundige en medische literatuur ligt in het depot binnen handbereik. Het depot op Urk is daarmee een goudmijn. Dit artikel vertelt wanneer, door wie en hoe deze Nederlandse collectie verpleegkundig erfgoed van de SHVB tot stand is gekomen, wat deze omvat en hoe de collectie door historici en andere wetenschappers gebruikt kan worden.
Cecile aan de Stegge