|
|
Dossiers over vrouwengeschiedenis
Ogenblikken van geluk.
Onderzoek naar het fotoalbum van een Utrechtse vrouw
Edwin Maes
Enkele jaren geleden kocht ik in een tweedehands-winkel in
Deventer drie familiealbums. Hoewel er slechts enkele data,
plaats- en voornamen in stonden geschreven, zag ik direct aan
sommige foto's dat de familie woonachtig moet zijn geweest in
Utrecht. De fotoalbums, die beginnen in 1922 en eindigen in 1938,
tonen ons intieme momenten uit leven van een gezin uit de gegoede
burgerij. Nieuwsgierig naar de achtergrond van deze mensen besloot
ik om de identiteit van de familie te achterhalen. Wie waren zij,
wat was er van hun leven geworden, waarom en hoe waren deze albums
door de familie verloren?
Bij het doorbladeren van de drie
familiealbums valt op dat we steeds het portret van dezelfde vrouw
tegenkomen. We zien haar als het ware naar de camera kijkend door
de jaren heen veranderen van een verlegen meisje tot een
zelfbewuste vrouw. Zij is ongetwijfeld de eigenaresse van de
albums, en heeft ook zelf met de camera ogenblikken uit haar leven
en woonomgeving vastgelegd. Niet alleen zijn de foto's soms wat
onscherp, maar aan de hand van de krassen, duimafdrukken en
slechte fixatie kan men opmaken dat deze door een amateur (de
eigenaresse?) zijn ontwikkeld. Maar wie was zij?
Als aanknopingspunten voor het onderzoek dienen in eerste
plaats de herkenbare huizen en plaatsen uit de binnenstad van
Utrecht. Zo is in de loop der jaren de stadsbuitengracht een
steeds terugkerend onderwerp. We zien tijdens verschillende
jaargetijden de Singel met op de achtergrond het gebouw van de
Sterrewacht. Als we ervan uitgaan dat de foto's vanuit het
woonhuis zijn genomen dan moet het gezin aan de Maliesingel
gewoond hebben. Helaas zijn er geen foto's van de voorgevel van
het huis, wel zijn er veel foto's van de tuin. Als we deze
bekijken en vergelijken met de stadskaart dan zien we enkele
overeenkomsten. Er loopt achter het huis een spoorlijn en links
van het huis ziet men in de verte gebouwen die lijken op het R.K.
Verpleegtehuis St. Hieronymus.
In het gemeentearchief hoop ik via het bevolkingsregister meer te
weten te komen. Via straat en huisnummer kun je op een woonkaart
zien wie wanneer het pand bewoonde. Hoewel ik uit de foto's had
opgemaakt dat het gezin vier kinderen telde, vind ik niet het
juiste pand. Wel bevestigen de gevonden gegevens over de beroepen
van de bewoners in deze straat mijn vermoeden dat het om een
welgestelde familie gaat. In de straat wonen bijvoorbeeld artsen,
fabrikanten, een hoogleraar, leden van de directie van de N.S. en
de directeur van de Utrechtse Bankvereniging. Ook de adresboeken,
waarin de hoofdbewoners van huizen zijn opgesomd, bieden in dit
geval geen aanknopingspunt.
Opnieuw speur ik de foto's af op zoek naar kleine aanwijzingen.
Uiteindelijk komt uit onverwachte hoek de oplossing; op een foto
zien we het jongere zusje met haar vriend in een bloemenzee
zitten. In haar hand heeft ze een 'oorkonde' met daarop helaas
onherkenbare namen, maar wel is het woord 'verloving' te
ontcijferen. Iets verder in het album komen we precies zo'n zelfde
foto tegen van onze amateur-fotografe, maar dan zonder oorkonde.
Boven deze foto's staan wel data. In de Utrechtse Courant ga ik op zoek, maar
ik kom bij de eerste verlovingsdatum geen berichten tegen. Ook op
de verlovingsdatum van onze fotografe op 28 augustus 1928 treffen
we niets aan. Op aanraden van een archiefmedewerker blader ik de
kranten van enkele dagen later ook door. In de krant van 30
augustus 1928 staat een klein berichtje waarin Hendrik van Driel
en Cornelia Brand, adres Maliesingel 68, eenieder voor de bloemen
bedanken die zij ontvingen naar aanleiding van hun verloving.
Datum en straat komen overeen. Onze amateur-fotografe heeft een
naam: Cornelia Brand!
We nemen nogmaals de woonkaart van Maliesingel 68 erbij. De
hoofdbewoner is de arts Bernard Brand, hij heeft vier kinderen
waarvan Cornelia de oudste is. Zij is geboren op 25 mei 1905 te
Sluis, waar het gezin woonde voordat het zich in 1911 te Utrecht
vestigde. Via de kaart blijkt ook dat er gemiddeld 2 dienstboden,
waarvan sommige uit Duitsland afkomstig, in huis woonden.
Bij nadere bestudering van de albums zijn echter ook andere
aanknopingspunten aan te wijzen. In een album zien we bijvoorbeeld
ook, voor het eerst rond mei 1925, foto's van Cornelia op het
natuurkundig lab en later in het Senaatsgebouw met medestudenten
(let op het aantal vrouwelijke studenten!) en docenten. Cornelia studeerde natuurkunde aan de Utrechtse
Universiteit en we kunnen haar gegevens achterhalen in het archief
van de universiteit.
We zien op de foto's van het lab een studiegenoot die ook prive
steeds vaker aanwezig is. Zij gaan samen op vakantie, verloven zich en
zullen uiteindelijk op 28 juli 1934 in het huwelijk treden. Volgens de
gezinskaart verlaat Cornelia Brand officieel op 8 augustus 1934 het ouderlijk
huis. Hendrik van Driel werkt dan als natuurkundige aan het laboratorium
van de Utrechtse Universiteit. Al snel na het huwelijk vertrekt het stel
naar Rijswijk.
Wat gebeurde er daarna met Cornelia? Aangezien haar fotoalbums in een
tweedehands winkel zijn terechtgekomen ga ik er van uit dat ze is overleden.
Bij het Centraal Bureau voor Genealogie vraag ik daarom haar persoonskaart
aan. Uit de kaart blijkt dat het echtpaar een zoon had. Cornelia is op
9 april 1993, een kleine twee jaar na haar man, overleden te Wassenaar.
Hoe de albums in Deventer zijn terechtgekomen blijft een raadsel.
We weten nu van wie de albums zijn geweest, maar wat vertellen deze foto's
over het leven van een welgestelde familie in de jaren twintig en dertig
van de vorige eeuw? Opvallend aan fotoalbums die we aantreffen uit deze
periode is, dat ze meestal toebehoren aan de welgestelde of middenklasse.
Fotografie was een kostbare hobby en met name de lagere klasse liet dan
ook zijn foto's in die tijd nog vooral bij een studiofotograaf maken.
Op de foto's van de familie Brand zien we het gezin ook vaak afgebeeld
als trotse bezitter van een personenauto. Deze bevorderde de mobiliteit
van het gezin. De familie Brand gaat jaarlijks in de maanden juli en augustus
in binnen- en buitenland op vakantie. Evenals in vele andere familiealbums
uit die tijd zien we dat met name Duitsland, Zwitserland en Frankrijk
populaire vakantieoorden in het buitenland zijn. In eigen land zoekt men
in de zomermaanden vooral het water op. We zien de familie Brand op het
strand bij Noordwijk aan Zee, men gaat regelmatig zeilen op een meer bij
Paterswolde of zwemmen in de Lek bij Tiel. De kiekjes geven ons vooral
ook een idee hoe men in familiekring verjaardagen of vakanties vierde,
welke kleding men droeg, hoe men woonde of hoe interieurs er uit zagen.
In hoeverre kunnen we deze foto's gebruiken als bronnenmateriaal
voor historisch onderzoek? Een veel gehoorde kritiek is dat men bij het
doorbladeren van deze oude fotoalbums vooral een aaneenschakeling ziet
van louter gelukkige momenten. Het lijkt wel alsof de fotograaf slechts
die gebeurtenissen wilde vastleggen, die hij zich later nog graag zou
willen herinneren. foto's van verjaardagspartijtjes, bruiloften en
vakanties zijn eerder regel dan uitzondering. Familiealbums zijn in die
zin dan ook geen weergave van het leven zoals het werkelijk geweest is.
De onderwerpen die Cornelia bijvoorbeeld fotografeerde zeggen iets over
wat zij belangrijk vond en wat haar bezighield. Zo zien we wel regelmatig
de huisdieren, maar worden de dienstboden nooit op de foto's afgebeeld,
terwijl er toch steeds twee in huis woonden. Deze persoonlijke visie van
de fotograaf op de werkelijkheid zorgt er wel voor dat we de foto's
kritisch dienen te interpreteren.
Toch vertellen de amateurfoto's ons iets over de cultuur van het
dagelijks leven, zij tonen ons de intimiteit van het gezin, informatie
die we niet of nauwelijks uit andere bronnen kunnen halen. Zo laten de
in die tijd populaire studiofoto's voornamelijk serieus in de lens
kijkende op z'n zondags geklede mensen zien, met op de achtergrond
slechts een stoel, tafel of kitscherig decor. Het poseren en het ensceneren
komen we in veel mindere mate tegen in de familiealbums.
Door de fotoalbums van Cornelia Brand krijgen we naast de vertrouwde kiekjes
ook een ander beeld van het gezin te zien. We zien de kinderen spelen
in de tuin, lezen in de woonkamer, schaatsen op de gracht, surprises maken
voor Sinterklaas, bessen ritsen in de keuken en boodschappen doen in de
stad. Juist die onbevangenheid waarmee een tijdsbeeld wordt geschetst
maakt de amateurfoto's zo waardevol als historische bron.
Dit artikel verscheen eerder in: GM kwadraat 2 herfst 2002, pp. 4-7
|