|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Dossiers over vrouwengeschiedenisVrouwelijke gladiatorenBastiaan van den Berg
In een senatus consultum (senaatsbesluit) van 11 n.C. werd vastgelegd dat vrijgeboren vrouwen onder de twintig jaar oud voortaan niet meer in de arena mochten optreden. Dit betekende dat vrouwelijke gladiatoren of venatoren (jagers op wilde dieren) al voor dit tijdsstip bestonden, anders hoefde het immers niet verboden te worden. [1] Ook in Nicolaus van Damascus kunnen we een vroege verwijzing naar vrouwelijke gladiatoren vinden. Deze auteur leefde in de tijd van Augustus. In dit werk komt een man voor die in zijn testament vast had laten leggen, dat na zijn dood de mooiste vrouwen uit zijn bezit elkaar in de arena moesten bevechten. De bevolking stond de uitvoering van dit testament echter niet toe. [2] De eerste specifieke vermelding van vrouwelijke gladiatoren vinden we onder de heerschappij van Nero. Vrouwen vochten waarschijnlijk dus al wel eerder als gladiatoren, maar vanaf Nero worden ze pas regelmatig beschreven door verschillende auteurs. In dit stuk zal ik deze beschrijvingen stuk voor stuk de revue laten passeren. Onder Nero zijn er drie voorbeelden bekend van spelen met vrouwelijke gladiatoren, namelijk in 59, 63 en 66 n.C. Het is wel opmerkelijk dat de deelname van vrouwen niet als iets nieuws wordt gepresenteerd door de verschillende auteurs. [3] Dio Cassius beschrijft onder andere de munera die Nero ter ere van zijn moeder Agrippina hield te Rome in 59 n.C. Hij vond het zeer shockerend dat er zowel mannen als vrouwen uit zowel de ridder- als de senatorenstand aan meededen. Zij speelden fluit, participeerden in pantomimes, menden paarden, doodden wilde dieren en vochten als gladiatoren. [4] In 63 n.C. waren er wederom vechtende vrouwen te bewonderen bij gladiatorenspelen in Rome. Volgens Tacitus waren zij van aristocratische komaf (ook vochten er senatoren). [5] De derde gelegenheid waar vrouwen optraden als gladiatoren was in 66 n.C. te Puteoli (het huidige Pozzuoli). Nero pakte hier groots uit om de Armeense koning Tiridates te imponeren. Patrobius, een vrijgelaten slaaf van Nero organiseerde spelen waaraan (op één dag) louter Ethiopiërs meededen. Het bijzondere hieraan was dat er zowel mannen als vrouwen en kinderen meevochten. [6] Naast deze drie gedateerde gebeurtenissen zijn er nog een drietal verwijzingen naar vechtende vrouwen onder Nero bij twee verschillende auteurs. Juvenalis parodiërt namelijk een vrouw genaamd Mevia, die het met een speer in haar hand en met een ontblote borst opneemt tegen een wildzwijn. [7] Hier is echter wel sprake van een zogenaamde vrouwelijke venator, een venatrix derhalve. Dit waren veelal professionele jagers die in de arena op (groot) wild joegen ter vermaak van het volk. [8] Wel is opvallend dat er verwezen wordt naar de amazones, Mevia 'jaagt' immers met een ontblote borst. Iets verderop in zijn Saturae maakt hij een vrouw belachelijk die als een gladiator traint. Het wordt echter niet duidelijk of het hier om een 'echte' gladiatrix handelt, of dat ze alleen de training ervan doet. Juvenalis zelf vraagt zich af of ze misschien voor de arena aan het trainen is. [9] Hoewel dit satire is en er niet al teveel waarde aangehecht kan worden, blijft het feit dat vrouwen er wel degelijk mee bezig waren. De derde en laatste verwijzing vinden we bij Petronius, een ceremoniemeester aan het hof van Nero. Tijdens een uitgebreide maaltijd van de schatrijke parvenu Trimalchio vertelde een zekere Echion, handelaar in tweedehandskleren, over de komende feestelijkheden. Voor deze spelen waren reeds enkele clowns (dwergen?) en een vrouw die vanaf een strijdwagen zou vechten (mulierem essedariam) geregeld. [10] De aanwezigheid van vrouwelijke deelnemers aan de spelen bleef niet beperkt tot de periode van Nero, ook onder de Flaviërs (Titus en Domitianus) zijn ze bekend. In 80 n.C. traden vrouwen op bij de opening van het Amphitheatrum Flavium, beter bekend als het Colosseum. Dit vond plaats onder auspiciën van keizer Titus. Hier gaat het waarschijnlijk om een vrouwelijke bestiarius. [11] Dit waren meer bevechters van wilde dieren en niet zozeer jagers (zoals de venatores). Dio haast zich wel te melden dat dit geen vrouwen van enige allure waren. [12] Domitianus had ook een zwak voor vrouwelijke gladiatoren. Het is bekend dat hij regelmatig vrouwen tegen elkaar liet vechten. Suetonius vermeldt dat Domitianus vrouwen liet vechten bij het licht van fakkels. [13] Ook uit Dio blijkt dat Domitianus regelmatig gevechten 's nachts liet plaatsvinden (in 89 n.C?). Af en toe liet hij ook dwergen en vrouwen tegen elkaar vechten. [14] Er is tenslotte een inscriptie bewaard gebleven uit Ostia, waarin melding wordt gemaakt over spelen die door de lokale duumvir Hostilianus en zijn vrouw zijn gegeven. De inscriptie is waarschijnlijk uit de tijd van Septimius Severus (eind 2e eeuw n.C.). [15] In de inscriptie wordt met trots vermeld dat Hostilianus de eerste persoon was die vrouwelijke zwaardvechters liet optreden sinds de stichting van de stad (Rome). [16] De literaire overblijfselen laten niet een heel grote geografische spreiding zien. De munera waar ook vrouwen hun deel in hadden kwamen vooral voor in Rome. Andere voorbeelden zijn we in Puteoli en Ostia tegen gekomen. Het valt hierbij op dat dit allemaal, op een na, keizerlijke munera waren. Alleen in het geval van Ostia waren de spelen door een lokale duumvir georganiseerd. De gedachte hierachter kan zijn geweest dat het aan de keizer voorbehouden was om de mooiste, de grootste en de spectaculairste spelen te organiseren. Nero organiseerde (weliswaar via een van zijn vrijgelatenen) immers spelen met vrouwelijke gladiatoren om indruk te maken op een oosterse koning.
Naast de literaire bronnen hebben we één afbeelding (mogelijk twee) van vrouwelijke gladiatoren. De afbeelding waarop zonder twijfel twee gladiatrices staan afgebeeld is een marmeren reliëf afkomstig uit Halicarnassus in Asia Minor, grofweg het huidige Turkije (zie de afbeelding). Het werd waarschijnlijk gemaakt om de vrijlating (άπελΰθησαν) van de twee vrouwen te herdenken, nadat ze enkele voortreffelijke gevechten hadden laten zien. [17] De afgebeelde vrouwen zijn gekleed in een paan (een lendendoek die gedragen wordt door traditioneel geklede negers) en hebben een wapengordel om. De linker vrouw draagt volgens Robert (1940) een beenpantser en heeft een ontblote borst in amazonestijl. Zij draagt niet voor niets de naam Amazon. Op de afbeeldingen is dit echter met de grootste wil nog niet te zien. In dit geval moeten we Robert daarom maar even met een korreltje zout nemen. De rechter vrouw heet Achillia, heeft kniebeschermers (omgewikkelde banden) en is opvallend linkshandig. Beiden zijn bewapend met een dolk en een scutum (langwerpig vierkant houten schild met leer overtrokken: gebruikt door Romeinse legionairs). Het is opvallend dat ze beide geen helm dragen maar wel zwaar bewapend zijn. Het publiek in het amfitheater wilde de gezichten van de vechtende vrouwen goed kunnen zien. [18] De uitrusting van de beide vrouwen is redelijk hetzelfde, maar komt niet helemaal overeen met de bekende typen gladiatoren. Ze lijken mij nog het meest een mix tussen een secutor en een Thraex. Er zijn twee verklaringen te geven voor het feit dat zij geen bestaand type gladiator vertegenwoordigen. De eerste verklaring is dat ze dat in het Oosten van het Rijk vochten. In het oosten van het Romeinse Rijk bleven de typen gladiatoren zich namelijk evolueren, terwijl in het westen de typen veelal vast lagen (in ieder geval vanaf ongeveer 100 na Christus). [19] De andere verklaring heeft met het fenomeen van de gladiatrices zelf te maken. Hiermee bedoel ik dat vechtende vrouwen in de arena eigenlijk een heel onnatuurlijk iets waren. Hun wapenuitrusting was daarom ook onnatuurlijk van samenstelling. Volgens Gunderson moest het vechten van vrouwen worden gezien als een nieuwigheid, zeker niet als serieuze gladiatoren. Ook kon men deze nieuwe gril pas goed op zijn waarde schatten als men in staat was de gezichten van de vrouwen te zien. [20] Dit vind ik echter geen overtuigend argument aangezien vrouwen allang bekend waren als gladiatoren, tenzij het IN Halicarnassus daadwerkelijk een primeur was. Ten tweede waren er ook 'gewone' gladiatoren die zonder helm vochten, zoals de retiarii en de Thraeces.
Afbeelding 2 is een twijfelgeval. Wiedemann is de enige auteur waar ik deze afbeelding ben tegengekomen. Wiedemann schrijft dat het denkbaar is dat de twee figuren op het grafmonument oorspronkelijk bedoeld zijn als vrouwelijke gladiatoren. [21] De figuren op het reliëf zijn inderdaad erg slank en hun wapenuitrusting lijkt overeen te komen met die van Achillia en Amazon. De twee figuren dragen echter allebei een helm. Dit hoeft geen probleem te zijn want bij Juvenalis waren we al een trainende vrouw tegengekomen die een helm droeg. Aan de andere kant werden verslagen gladiatoren niet (meer) als 'echte' mannen gezien. Ten gevolge hiervan werden op enkele reliëfs de verslagen gladiatoren, die het oordeel van de massa afwachten, afgebeeld met de knieën dicht tegen elkaar aan. Griekse beeldhouwers pasten dit principe al toe in de 5e eeuw v.C. om de vrouwelijkheid van hun beelden te benadrukken. De aandacht werd zo immers op de heupen gericht en vrouwelijke heupen hebben nu eenmaal van nature een andere vorm dan die van mannen. [22] Dit reliëf is echter anders omdat hierop beide gladiatoren (vooral de rechter) op een dergelijke vrouwelijke wijze staan afgebeeld. Het is dus zeker mogelijk dat we hier te maken hebben met twee vrouwelijke gladiatoren. De vrouwelijke gladiatoren waren ongetwijfeld een belangrijk onderdeel van de spelen. Juist omdat ze niet elke keer aan de spelen meededen, was de keren dat ze wel optraden het enthousiasme des te groter bij het publiek. Septimius Severus maakte echter een eind aan dit onderdeel van de spelen door ze te verbieden. Hij vond het eigenlijk allemaal net iets te ver gaan. De grappen die over de vrouwen werden gemaakt en het zichzelf belachelijk maken van de vrouwen in hun zware wapenuitrustingen waren de vrouwen onwaardig. Dit is een tamelijk 21e eeuwse slotsom, maar Septimius Severus schijnt zich het lot van deze vrouwen echt aangetrokken te hebben, ook al hadden zij dit in de meeste gevallen zelf verkozen· Verklarende woordenlijst: - duumvir. De belangrijkste overheidspersonen in steden. Je zou
het kunnen vergelijken met 'onze' burgemeesters. Er waren er echter altijd
twee van in elke stad, een tweemanschap derhalve. Noten: [1] Gardner, J. F., Women in Roman Law and Society
(Londen 1990) 248. Beknopte literatuurlijst: - Briquel, G., 'Les femmes gladiateurs', Ktma 17 (1992) | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Terug naar boven | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||