/ Politieke geschiedenis /

De vrouwen van 1923. Vrouwen gekozen in Nederlandse gemeenteraden, ná de invoering van het algemeen kiesrecht

Honderd jaar algemeen kiesrecht in Nederland was een mijlpaal, maar wat gebeurde er daarna? Dit artikel werpt, op basis van diepgaand bronnenonderzoek, licht op de effecten van het actief vrouwenkiesrecht op de samenstelling van de gemeenteraden. Voor het eerst krijgen we een beeld van de vrouwen die in 1923 zitting namen in de gemeenteraden in het hele land. Dat leidt tot een verrassende conclusie over de partij die het meest van het nieuwe stelsel profiteerde.
Margit van der Steen

/ Sociale geschiedenis /

Toekomstperspectieven en tijdsbeleving van jongens en meisjes in opsluiting (1927-1957)

In de eerste helft van de twintigste eeuw kwamen in West-Europa talloze kansarme jongeren met probleemgedrag terecht in een heropvoedingsinstelling. Als onderdeel van hun ‘morele heropvoeding’ besteedden de jongeren een groot deel van hun tijd aan werken. De jongens werden voorbereid op een beroepsloopbaan met laaggeschoolde handenarbeid, de meisjes werden klaargestoomd voor het huishouden. In dit artikel onderzoek ik de toekomstperspectieven van jongens en meisjes uit kansarme milieus, hoe deze perspectieven werden vertaald in de heropvoedingspraktijken en in het bijzonder hoe de jongeren zelf zich uitlieten over hun opsluitingstijd en hun toekomstvisies. Uit de egodocumenten van de jongeren blijkt dat de beleving van de opsluitingstijd en de toekomstvisies verbonden waren. Ik gebruik de Belgische heropvoedingsinstellingen van Mol en Brugge als casestudy.
Laura Nys

/ Genderview /

Susan Legêne: Hoe we ons in het heden verhouden tot het verleden

Susan Legêne is hoogleraar Politieke Geschiedenis aan de Vrije Universiteit Amsterdam (VU). Daarnaast was zij tot eind 2019 voorzitter van het Koninklijk Nederlands Historisch Genootschap (KNHG). Zij promoveerde in 1998 op het onderwerp de negentiende-eeuwse Nederlandse cultuur van het imperialisme. In 2017 was zij voor Historica gasthoofdredacteur voor het themanummer ‘Burgerschap’. Centraal stond de stelling dat burgerschap geen status is, maar dat het op individueel niveau een geschiedenis heeft die telkens kan veranderen. Sinds januari 2020 is zij decaan van de Faculteit der Geesteswetenschappen aan de VU.
Greetje Bijl

/ Vroegmoderne tijd /

Mevrouw d’Ailimont, een grensoverschrijdende achttiende-eeuwse hofdame

In het historisch onderzoek naar hofdames is de aandacht vooral uitgegaan naar grote, prestigieuze hoven waar zij een representatieve rol vervullen. Aan kleine hoven kunnen hun taken heel anders liggen. In deze casestudy staat een hofdame aan een klein hof in de achttiende eeuw centraal: mevrouw d’Alimont. Zij verwerft een vertrouwenspositie en krijgt zo de taak om de overdracht van een vorstendom in goede banen te leiden, iets wat normaliter is voorbehouden aan een man. Ze slaagt met verve in haar opdracht en geniet een voor een vrouw ongekende handelingsvrijheid. Dat moet wel tot gedonder leiden en dat doet het dan ook.
Joost Welten

/ Middeleeuwen /

Felle vrouwen met mortierstokken. Kroniekschrijvers over vrouwen en geweld in laat middeleeuwse opstanden

In zijn uitgebreid verslag over het Beleg van Nieuwpoort (20-28 juni 1489) windt de Bourgondisch-Habsburgse broodschrijver Jean Molinet er geen doekjes om: de Nieuwpoortse vrouwen vochten het felst en dapperst tijdens de belegering van de stad. Kroniekschrijvers reduceerden de rol van vrouwen in conflicten, oorlogen en opstanden echter vaak tot clichés. Vrouwen waren antirevolutionair, deden dienst als spionnen of stookten familieleden tegen elkaar op. Toch is het belangrijk om dergelijke stereotiepe portretten van middeleeuwse vrouwen diepgaander te analyseren. Vaak is er een onderliggende boodschap of kunnen we op een impliciete manier iets leren over rolpatronen in de middeleeuwse samenleving.
Lisa Demets

/ Middeleeuwen /

“Attende, Theodora”. Een blik op gender in de het hoogmiddeleeuwse Speculum Virginum

“Wanneer een man van uitzonderlijke schoonheid en gestalte, onderscheiden van anderen en beroemd door zijn glorieuze rijkdom en edele afkomst, zich tot de schaduw van ijdelheid wendt, is het niet verwonderlijk […], maar wanneer een vrouw, voor wie niets zwakker is dan haar geslacht, naar de hoogte stijgt, dan lijkt ze op een monster.”1 We lezen een fragment uit het Speculum virginum. Dit is een middeleeuws didactisch-moraliserend handboek, waarbij de auteur aan de hand van een fictieve dialoog tussen de spirituele leermeester Peregrinus en zijn leerlinge, een non genaamd Theodora, aantoont hoe een non hoort te leven binnen de kloostermuren. Bovenstaand fragment verkondigt een boodschap waar een 21ste-eeuwse feministische geest ietwat ongemakkelijk van wordt. Voor hoogmiddeleeuwse klerikale bronnen is een dergelijk citaat allesbehalve vreemd. Dit artikel onderzoekt de houding in het Speculum virginum tegenover gender(on)gelijkheid en benadrukt het belang om hoogmiddeleeuwse bronnen in al hun complexiteit te bestuderen.
Ine Calmeyn